15/06/2026
Bitterballen, Bierbuiken en Buitenspel 15 Juni 2026.
Wanneer de zomerstop zijn intrede doet, lijkt Groot Nibbeland plotseling veranderd in een beschermd natuurgebied waar alleen nog een verdwaalde meeuw, een vergeten pion en een uitgebluste cornervlag rondzwerven.
Iedereen roept dan heel stoer dat ze “nu eindelijk even rust hebben van het voetbal”, maar binnen twee weken zitten dezelfde mensen alweer op hun telefoon oefenwedstrijden van Den Hoorn tegen Xerxes D.Z.B. te volgen alsof het de Champions League-finale betreft.
Eigenlijk kunnen we als vereniging helemaal niet zonder dat voetbalgeklets, want het zit hier dieper ingebakken dan de geur van warme bitterballen rondom half vijf op zaterdagmiddag.
In de zomer merk je pas hoe groot die afwijking werkelijk is.
Sommige vaste bezoekers van de club lopen thuis namelijk licht gedesoriënteerd rond omdat ze op zaterdagmiddag ineens geconfronteerd worden met hun eigen gezin.
De één gaat dan verplicht mee naar een tuincentrum, de ander moet ineens “een gezellig weekendje weg” organiseren, terwijl hij diep van binnen liever gewoon langs veld twee had gestaan mopperen op een grensrechter.
En ook De Waarnemer ontkomt gedurende de zomerstop niet aan allerlei huiselijke- en vakantieverplichtingen.
Want hoe graag men misschien denkt dat ik dag en nacht ergens achter een reclamebord lig te observeren, zelfs een waarnemer moet af en toe verplicht aan het zwembad zitten zonder tussenstanden door te krijgen.
Al moet ik eerlijk zeggen dat dat niet meevalt wanneer er deze zomer ook nog een WK voetbal in Amerika op het programma staat.
Amerika nota bene… het land waar men normaal gesproken denkt dat buitenspel iets met honkbal te maken heeft en waar een wedstrijd gerust drie uur stilgelegd wordt voor reclame van hamburgers, auto’s en afslankmiddelen.
Reken er maar op dat ook op campings, terrassen en vakantieparken overal ineens mannen met half ontblote bierbuiken voor telefoons en televisies verschijnen zodra Oranje moet spelen.
Niemand gaat mij namelijk wijsmaken dat een gemiddelde Zuidland-supporter op vakantie vrijwillig een groepsuitje naar een Middeleeuws stadje kiest terwijl er ergens Verenigde Staten – Nederland op het scherm staat.
En dus zullen complete gezinnen deze zomer weer meemaken dat vader “heel even beneden iets gaat drinken” en vervolgens drie uur later bruinverbrand terugkomt met analyses over de rechterflank van Oranje.
Maar eerlijk is eerlijk: dat voetbalvirus maakt onze vereniging juist zo mooi.
Er wordt bij Zuidland namelijk niet alleen gevoetbald. Er wordt geleefd, gelachen, gezeurd, geholpen, geklaagd, georganiseerd, gevierd en vooral gigantisch veel ouwehoerd.
Rond half drie op zaterdag ontstaat er altijd weer een soort magische volksverhuizing richting de velden alsof iedereen automatisch weet waar hij hoort te staan.
Achter de afrastering verzamelen zich de kenners, de klagers, de oud-trainers, de pseudo-analisten en de mannen die al twintig jaar roepen dat ze vroeger zelf “best aardig konden voetballen”.
Langs de lijn ontstaan vervolgens discussies over buitenspelmomenten waar zelfs de VAR drie dagen onderzoek naar zou moeten doen.
Soms lijkt het amateurvoetbal daardoor meer op cabaret dan op topsport.
De scheidsrechter krijgt er van langs, de trainer weet het nooit goed te doen en de spits had er volgens het publiek eigenlijk al vier moeten maken voordat de warming-up voorbij is.
En toch zou niemand het willen missen.
Want V.V. Zuidland is uiteindelijk veel meer dan alleen een voetbalclub. Het is een verzameling mensen, verhalen, types, vrijwilligers en prachtige idioten die samen ieder seizoen opnieuw een klein dorpstheater opvoeren rondom een bal.
Als waarnemer blijf ik daar met enorm veel plezier naar kijken en over schrijven.
Al zal het de komende weken misschien iets stiller zijn tussen de columns door.
Rust moet er tenslotte ook af en toe zijn, al weet ik nu al dat die rust waarschijnlijk ergens halverwege een campingstoel weer onderbroken wordt door een discussie over een opstelling, een gemiste kans of een verdwaalde oefenuitslag van Zuidland 1.
Nooit helemaal stoppen dus, hooguit even op zomerreces.
En zodra de eerste bal van het nieuwe seizoen weer rolt, staat De Waarnemer vanzelf weer ergens langs de lijn.
Met een notitieboekje, een overdreven mening en waarschijnlijk een iets te warme jas voor de tijd van het jaar.
En geloof mij: dan begint het lachen, mopperen, analyseren en genieten gewoon weer opnieuw.
Reken daar maar op.
De Waarnemer