18/11/2025
Het Dunning-Krugereffect bij het duiken
Tijdens de eerste tientallen duiken voelt alles eenvoudig. Je drijfvermogen werkt, je luchtverbruik ziet er goed uit en de diepte intimideert je niet langer. Zelfvertrouwen groeit sneller dan competentie, de perfecte omgeving voor het Dunning-Krugereffect om aan de oppervlakte te komen.
De waarheid komt later aan het licht, wanneer je je eerste echte situaties tegenkomt: een stroming die je hele plan verandert, een buddy die zonder waarschuwing in paniek raakt, of een zicht dat binnen enkele seconden wegvalt. Dan besef je hoe kwetsbaar je vroege "meesterschap" eigenlijk was.
Met ervaring komt rust. Geen arrogantie, geen bravoure. Een kalme, bijna ingetogen voorzichtigheid, zoals je die pas ontwikkelt als je begrijpt dat de onderwaterwereld prachtig is, maar nooit vergevingsgezind. Veiligheid is geen slogan; het is een discipline.
En dit effect verdwijnt niet zodra je "beter" wordt. Het duikt telkens weer op wanneer je een nieuw terrein betreedt: wanneer je de overstap maakt van recreatief naar technisch duiken, wanneer je van duiker naar instructeur gaat, of wanneer je begint te werken met nieuwe configuraties, gassen, dieptes of verantwoordelijkheden. Elke nieuwe stap gaat gepaard met diezelfde illusie van competentie en dezelfde behoefte om het te beheersen voordat het jou beheerst.
Deze cyclus zie je bij bijna iedereen herhalen. Nieuwe duikers vol enthousiasme, duikers met 50 tot 100 duiken die zich plotseling realiseren hoe complex dit universum werkelijk is, en de veteranen, de meest ervaren onder ons, die met elke duik gedisciplineerder, nederiger en bewuster van hun grenzen worden.
Het Dunning-Krugereffect is er altijd, op elk niveau. De sleutel is niet om het te elimineren, dat is onmogelijk, maar om het te herkennen, te beheersen en je onderwaterbeslissingen er nooit door te laten leiden.