17/04/2025
Ik zit in de auto. Ik ben thuis, maar ik stap nog niet uit.
Ik blijf nog even zitten.
Ik voel veel in de energie die al langer aanwezig is.
Ik zie het overal. In de workshop die ik gaf, op social media… In mijn omgeving.
Zoveel mensen die zich sterk houden.
Die zeggen: ik heb al genoeg meegemaakt en doorvoeld. Nu is het tijd om te leven, om te genieten, om te vieren.
En dat ís ook waar. We mogen het leven vieren. We mogen dansen, lachen, vrij zijn.
Maar onder die glimlach… voel ik iets anders.
Ik voel spanning, ik voel opgestapeld verdriet. Oud zeer dat al zolang is weggedrukt. Het is als een soort energiebal die zich opbouwt. Een vulkaan die op uitbarsten staat.
En we willen er wég van. We zeggen tegen onszelf: nu is het wel klaar, toch?
Maar het voelt alsof we collectief onze tranen aan het inslikken zijn.
We verharden nog meer. Geven anderen de schuld van ons verdriet. Duwen weg wat we niet willen zien.
We bagatelliseren en kiezen om weer als vanouds door te gaan.
En sommigen rennen de andere kant op. Slaan door in het voelen en hopen daar verlichting te vinden.
Maar ik voel het. Al die pijn. In mijn borst, in mijn adem, in mijn hart dat sneller klopt. Mijn lichaam reageert.
En dat is voor mij het teken: dit klopt.
We zijn op een kantelpunt.
Waarin het oude niet meer werkt, maar het nieuwe nog spannend voelt. Waarin we schommelen tussen controle houden en durven zakken. Tussen doen alsof het goed gaat, en toegeven dat we moe zijn van het volhouden.
Ik wil dit delen, omdat ik geloof dat we elkaar hier nodig hebben.
Om elkaars tranen te mogen zien. Zonder ze te fixen. Zonder oordeel.
Er is niets mis met jou als je nu weer wordt geraakt.
Er is niets verkeerd aan dat je hart een beetje sneller klopt.
Misschien is dat juist het teken dat je leeft.
Wat er gebeurt is dat we vanuit wanhoop vast blijven houden aan het oude. Ook al doet het pijn.
Maar dat doet weer pijn, want het is niet meer wat we werkelijk willen.
En precies dat creëert de frictie.
Die innerlijke strijd die nu steeds harder wordt geprojecteerd in de buitenwereld. De afstand tussen ons en onszelf.
Ik geloof niet dat dit is wat de wereld nu nodig heeft.
Niet nog meer verharding.
Niet nog meer oordeel.
Niet nog meer “dan maar niet.”
Wat de wereld nodig heeft is verzachting.
Zachte ogen. Open armen. Echte aanwezigheid.
Dit voelt als een laag waar we allemaal doorheen bewegen.
Misschien is het niet jouw persoonlijke verhaal, maar voel je toch die zwaarte.
Daarom deel ik dit, omdat ik weet dat jij het ook kunt voelen.
En omdat ik je wil uitnodigen: blijf nog even zitten.
Voel. Adem. Laat het toe. Niet om erin te verdrinken, maar om er doorheen te zakken. Met zachtheid. Met compassie.
Niet om het op te lossen, maar om het toe te laten.
Om te landen. En te herinneren: dit is wat leven is.
Niet het perfecte plaatje.
Maar de imperfecte, eerlijke ervaring.
Liefs Iris