27/06/2025
Altijd net te laat? Het is geen luiheid, maar wel een patroon.
Een kwartier te laat komen lijkt niet dramatisch, maar als het structureel gebeurt, kun je er last van krijgen op je werk, in relaties of je eigen stressniveau.
Wat blijkt? Vaak zijn het geen mensen die "niets geven om tijd", maar juist mensen die zichzelf overschatten. Je denkt dat je nog even dit of dat kunt doen, dat het verkeer meevalt, dat je je sleutels wel snel vindt. En dat klopt… soms.
Wat helpt?
– Jezelf beter leren inschatten: wat kost iets echt aan tijd?
– Niet alleen kijken naar het moment van de afspraak, maar ook naar je vertrekmoment
– Ruimte inbouwen: niet strak op het nippertje plannen, maar lucht laten
– En soms: eerlijk kijken naar je weerstand. Wil je er wel op tijd zijn? Zie je ergens tegenop?
Bij pubers speelt iets extra’s, hun biologische klok schuift op, waardoor ze later moe zijn en later op gang komen. Tegelijk is het brein nog volop in ontwikkeling, vooral het deel dat plannen, tijd inschatten en impulsen remmen regelt
(de prefrontale cortex). Pubers willen vaak wel op tijd zijn, maar hun lijf en hoofd werken nog niet optimaal mee.
Te laat komen is geen karakterfout. Het is vaak een mix van gewoonte, zelfbeeld en planning. En dat kun je veranderen.
Stel: Als je structureel 15 minuten te laat komt, werk je op jaarbasis ongeveer 65 uur minder, dat is meer dan anderhalve werkweek bij een 40-urige werkweek.