12/05/2026
In ieders leven gebeurt veel. Er komt veel binnen, vaak zijn we gaan dragen voor anderen en langzaam maar zeker lopen we vol als we niet op tijd naar binnen keren en inventariseren wat we op mogen ruimen of los mogen laten. Het kan ons verstikken, opslokken. Het drijft ons bij onszelf vandaan.
Wat is eigenlijk echt van ons en wat is van de ander? Waar staan we echt voor, wat is onze waarheid en is die waarheid wel echt de onze? Of spreken we namens of voor iemand in ons systeem? In mijn aankomende boek staat deze vraag centraal.
Tijdens mijn onderzoek kwam ik dit mooie verhaal van Bert Hellinger tegen:
De ruiming
Iemand woont in een klein huis. Hij verzamelt in de loop van de jaren steeds meer rommel in zijn kamers. Veel gasten brachten hun spullen mee en toen ze verder gingen lieten zij menig koffer achter. Het is alsof ze hier nog steeds zijn, hoewel ze al lang weg zijn, voor altijd.
Ook wat de eigenaar zelf heeft verzameld, blijft in het huis. Niets mag voorbij zijn en verloren gaan. Ook aan de kapotte dingen hangen herinneringen en dus blijven ze en nemen ze de plaats in beslag van het betere.
Pas als de gastheer bijna stikt begint hij op te ruimen. Hij begint met zijn boeken. Wil hij de oude afbeeldingen nog steeds bekijken en vreemde inzichten en verhalen nog steeds begrijpen? Wat al lang geleden is afgedaan, verwijdert hij uit zijn huis. Het wordt licht en helder in de kamers.
Dan opent hij de achtergelaten koffers en kijkt om te zien of er nog iets is dat hij gebruiken kan. Hij ontdekt een aantal kostbaarheden en legt ze aan de kant. De rest brengt hij naar buiten. Hij gooit het oude spul in een diepe kuil, bedekt deze netjes met aarde en zaait er gras overheen.
Mijn leven Mijn werk, Bert Hellinger