23/05/2026
Wanneer ik door een bos wandel, verwonder ik me er telkens opnieuw over hoe alles met elkaar samenwerkt. Geen boom staat echt alleen. Onder de grond raken wortels elkaar, houden bomen elkaar steviger tijdens stormen en ontstaat er ruimte zodat alles kan groeien. Grote bomen nemen soms wind weg voor jonge bomen. En jonge bomen groeien weer op in de beschutting van het bos om hen heen.
Een boom midden op een open vlakte kan prachtig zijn. Rechte stam. Mooie volle kroon. Maar hij vangt ook alle stormen alleen op. In een bos ontstaat iets anders. Daar wordt samen bewogen. Samen opgevangen en gegroeid.
Misschien is dat ook waarom God zo vaak de natuur gebruikte om met mensen te spreken. Niet alleen omdat het mooi is, maar omdat de schepping voortdurend iets laat zien over het leven zelf.
Jezus sprak over mosterdzaadjes die uitgroeien tot iets groots. Over wijnstokken die alleen vrucht dragen wanneer ze verbonden blijven. Over vijgenbomen die laten zien in welk seizoen je leeft. Mensen trokken de bergen in om God te ontmoeten.
Onder bomen werd gerust, gehuild, gebeden en gewacht op richting. Alsof God steeds opnieuw liet zien: kijk goed om je heen… alles wat leeft vertelt iets. Over geduld, wortelen, seizoenen, rust, verbondenheid.
Niet alleen leren groeien naar het licht. Maar ook leren leven mét elkaar.
🌿