03/10/2024
"Entrée de secours", staat er op de deur van mijn praktijk.
En zo is het vaak ook echt 💚
Verlegen en afwachtend kwam ze binnen. Tiener genoeg om wat stuurs te kijken, kind genoeg om te willen dat mama bij de coaching bleef.
De laatste maanden in het zesde leerjaar waren er te veel aan geweest. Ze had echt uitgekeken naar het middelbaar. Naar een nieuwe start en nieuwe mensen, die mogelijks vrienden konden worden. Haar verwachtingen waren hooggespannen.
Nu de adrenaline van de eerste weken wat gezakt was, viel dat nieuwe eigenlijk serieus tegen. De meisjes in haar klas hielden zich bezig met elkaars brooddozen afpakken, elkaar plagend op de schouders meppen en met praten over jongens. Ze vond hen irritant en vermoeiend en eigenlijk nog veel irritanter dan irritant. Nog nooit hoorde ik iemand op zo korte tijd zo vaak “irritant” zeggen. Haar ogen schoten vuur en de oogrollen waren even frequent als de “irritanten”
Ik liet haar een kwartiertje uitrazen. Bevestigde dat het niet gemakkelijk was, om daar tussen te zitten. Vroeg naar hoe de zomervakantie geweest was (“heel leuk!”). Vroeg of het zou kunnen dat ze snakte naar rust, in die drukke omgeving (“oh, jaaa”).
En dus liet ik haar, met haar ogen open want dicht vond ze niet fijn, in haar herinnering op zoek gaan naar een moment van rust waarop ze zich prettig voelde. Ze vond het snel. Ik vroeg haar om dit beeld en gevoel te onthouden en goed te bewaren, zodat ze er steeds kon oproepen als het even te druk werd rond haar.
Nu ze dit rustig plekje in zichzelf gevonden had, gingen we kijken naar wat ze verder nog nodig had, en of die behoeftes of korte of langere termijn vervuld konden worden, en of/hoe ze daar zelf voor kon zorgen. Dit koos ze uit:
*Leuke dingen doen - ik heb iets nodig om naar uit te kijken”. (een ijsje gaan eten in het weekend. Weten dat we een uitstapje gaan maken met het gezin. Of af en toe eens op weekend gaan, Kerstmis, naar het kattencafé gaan)
*Samen zijn (met de kat, met vriendinnen van de lagere school, met het gezin, met de familie)
*Dat het duidelijk is (een ordelijke & propere kamer, mooie schriften, handige & mooie planningen, weten hoe ik moet studeren)
Hoe langer we bezig waren met deze behoeftes en haalbare manieren om ze te vervullen, hoe meer haar gezicht opklaarde. Ze had veel ideeën, ze werd enthousiast en vrolijk, glimlachte en lachte luidop terwijl ze met mama overlegde.
Het leek of er een ander meisje naar buiten ging. Was haar probleem opgelost? Nee, zeker niet. Maar de focus was verlegd en ze wist weer: er zijn leuke dingen om naar uit te kijken, ik heb lieve mensen rond me die om me geven, ik heb een leuke eigen kamer en ik weet elke dag een beetje beter hoe het middelbaar werkt en hoe ik best studeer.
Er is altijd een "sortie de secours" 💚