28/08/2026
🇧🇪De Belgisch kampioene MTB XCC & XCO deed mij nadenken over mijn coaching. Ik coach haar niet, maar ik volg haar al jaren vanop afstand.
Gisteren las ik een post van , na het XCC op het WK.
Ze start achteraan. Komt vast in de eerste bocht. Begint die koers als allerlaatste. En dan rijdt ze zich gewoon terug naar voor, ronde na ronde, tot tegen de groep die vecht voor de top 16.
Maar dat is niet wat me bijblijft.
Wat me bijblijft is wat ze daarna schrijft. Dat het zwaarste gevecht van die dag niet met die groep was, maar met zichzelf. Hoor ik hier wel thuis? Ben ik goed genoeg om tussen die meisjes te rijden?
Ze twijfelde. Ze durfde de stap niet te zetten.
En dan zegt ze: het antwoord is ja. Ik heb het tempo. Ik heb de conditie. Ik moet er alleen in geloven op dat moment.
Dat is het hé.
Ik zie het bij mijn eigen coachees. De cijfers zijn er. De techniek is er. Er is jaren aan gewerkt. En dan komt dat ene moment in de koers waarop je moet beslissen of je erbij hoort. Of je dat g*t dichtrijdt of dat je wacht.
Dat is durven beslissen. Dat vraagt lef
Daarom let ik daar op in hoe ik met mijn renners praat. Niet alleen over watt en rondetijden, maar over de woorden errond. Wat noemen we een goeie koers? Wat vinden we normaal? Waarom zou je niet all-in gaan?
Chapeau, Emeline. Voor de koers én voor het schrijven van je gedachtes
En jij? Wanneer heb jij voor het laatst getwijfeld of je er wel bij hoorde — en wat deed je toen? 👇